Archief van
Categorie: Informatief

Informatieve column met links naar meer informatie.
Op basis van actualiteit, of eductieve waarde.

Ónze Vrijheid

Ónze Vrijheid

onze vrijheid
grootste goed
zwaar bevochten
voor altijd?

maar…  ja maar
wat is vrijheid
zonder leven
samen leven
zonder angst

mijn vrijheid
slechts vrijheid
als míjn vrijheid
jóuw vrijheid is
als jóuw vrijheid
míjn vrijheid is

samen vechten
samen vrij
samen leven
ónze vrijheid
voor altijd

 

Meander


‘Onze Vrijheid’: © Meander; 1 mei 2020.

Afbeelding ‘Onze Vrijheid’ bewerking afbeelding internet.

Meer gedichten van Meander? Klik HIER.

 

Floriadebrug

Floriadebrug

een vergeten bruggetje in Almere


lag in het Lumièrepark weg te teren


waarom niet creatief circulair gedacht


en de brug naar de Floriade gebracht


dat is voordeliger dan potverteren

 

 

Meander

De brug op de foto ligt er al enige jaren.
Een achtergelaten, vergeten, eenzame brug.
Een brug zonder water, of onderdoorgang.
Men loopt er langs zonder er aandacht aan te schenken.
Een brug is in de civiele techniek een kunstwerk.
Zou het dat dan zijn?


‘Floriadebrug’: © Meander; 26 april 2020.

Foto: ‘Floriadebrug’: © Meander; 26 april 2020

Meer gedichten en verhalen van Meander over Almere? Klik HIER, of HIER.

Meer over de Floriade weten? Klik HIER.

Gaat de Floriade 2022 in Almere nog door? Meer weten? Zie NRC en klik HIER.

 

Ik weet het niet, maar ik vraag het me wel af

Ik weet het niet, maar ik vraag het me wel af

Wie durft er over na te denken, het hardop te zeggen? Mag je er over praten, of zou dat niet mogen?

Zijn de consequenties van alle maatregelen, als ze veel langer duren dan tot 1 juni 2020, op termijn niet veel groter dan de consequenties van Corona? Consequenties voor de langdurige gezondheid en het welzijn van velen. Kunnen we de zorg van nu, straks niet meer betalen? Consequenties voor de democratie? Consequenties voor de economie? Als de economie zo ineenstort dat armoede groter wordt en het moeilijk wordt om in voedsel te voorzien voor iedereen. Wat dan?
Hoe weeg je dat af? Kijken we ver genoeg vooruit, of leven en regeren we bij de dag?

Ik weet het niet, maar ik vraag het mij wel af.

Anderhalvemetersamenleving? Samenleving? Maatschappij? Hoeveel samenleven en hoeveel maatschap blijft er nog over?
Als mensen niet meer kunnen sporten neemt hun weerstand af en hun gewicht toe. De gezondheidsrisico’s nemen toe. Wat zijn de gevolgen daarvan?
Als kunst en cultuur verdampen, omdat we nergens meer naar toe mogen, wat zijn daar de gevolgen van?
Als mensen elkaar niet meer mogen omhelzen, niet meer mogen kussen. Als mensen niet meer dicht bij elkaar mogen zijn. Hoelang houden we dat vol?
Hoe gaat het verder met prille relaties? Hoe moeten nieuwe relaties nog ontstaan op anderhalve meter afstand? Hoelang houden we dat vol?
Als jonge kinderen en pubers afstand moeten houden, hun vrienden lange tijd niet zien, wat doet dat met hun ontwikkeling?
Waarom kunnen we geen afscheid nemen van dierbaren en wat zijn de gevolgen daarvan op termijn?
En zo zijn er tal van zulke existentiële vragen, waar we door de huidige situatie waarschijnlijk ineens bij stilstaan. Wie weet de antwoorden?

Ik weet het niet, maar vraag het me wel af.

Waarom wordt een internationaal probleem wereldwijd nationaal aangepakt?
Hoeveel doden kunnen er vallen door de gevolgen van de maatregelen de komende jaren?
Wat zijn de gevolgen voor de kwaliteit van leven voor allen, als de maatregelen langer, veel langer gaan duren?
Hoe lang houdt men het vol om zich aan de maatregelen te houden? Wanneer breekt de gehoorzaamheid?

Ik weet het niet, maar vraag het me wel af.

De natuur confronteert ons op harde wijze met onze beperkingen. Over de gehele wereld gaan we de strijd aan en praten over controle. Is dat niet paradoxaal? Is de controle niet slechts uitstel van wat gebeuren zal?
Waarom denken we dat een App op een smartphone de oplossing kan zijn? Wat zijn de consequenties daarvan? Gaan we dat straks ook met de griep doen en wie weet voor andere situaties?

Ik weet het niet, maar vraag het me wel af.

Waarom onderzoeken we wel de gevolgen van Corona en weten we nog zo weinig?
Wat als er nog een virus komt, of twee?
Wat zijn de al dan niet mogelijke achterliggende oorzaken van de dood van Corona-patiënten? Wat betekent dat?
Waarom werken de maatregelen niet voor verzorgings- en verpleegtehuizen?
Waarom onderzoeken we niet alle gevolgen die de maatregelen hebben op de samenleving op korte en lange termijn?
Is de angst groter dan de waarheid?
Wat is de waarde van het leven als er geen samenleven meer is?

Hoe weeg je dat alles af? Mag je er over praten? Kijken we ver genoeg vooruit, of leven en regeren we bij de dag?

Ik weet het niet, maar vraag het me wel af.

 

 

Meander

 


‘Ik weet het niet, maar ik vraag het me wel af’: © Meander; 18 april 2020.


Tekening: © Meander; 18 april 2020.


Meer van Meander? Klik HIER.

Heersbeestjes

Heersbeestjes

allerliefste lieveheersbeestje

hield van stouteheersbeestje

allerstoutste stouteheersbeestje

hield van lieveheersbeestje

heersbeestjesland in rep en roer

lief en stout dat hoort niet bij elkaar

zo was het toch altijd geweest

doch beide heersbeestjes, zo stoer

zeiden lachend, doe toch niet zo raar

morgen is het huwelijksfeest

met een prachtige resultaat

waar elk heersbeestje over praat

lieve stouteheersbeestjes

stoute lieveheersbeestjes

lieve stoute lieveheersbeestjes

stoute lieve stouteheersbeestjes

en de moraal van het verhaal

heersen een zinloos tijdverdrijf

lief en stout zijn wij allemaal

 

Meander

‘Heersbeestjes’: © Meander; 2 maart 2020.


Plaatje: Een bewerking van een internetplaatje door Meander


Meer gedichten van Meander? Klik HIER.

Schijterd de klos

Schijterd de klos


een bange schijterd uit Oudenbosch


hamsterde er ongeremd op los


maar zo ongeveer in de maand mei


was de ellende alweer voorbij


en bleef hij zitten met duizend gros

 

 

Meander


‘Schijterd de klos’: © Meander; 14 maart 2020.


Plaatje: Internet.


Meer gedichten van Meander? Klik HIER.

 

Op Slot

Op Slot

op slot ja op slot

alles moet nu dicht

piepklein virusje

‘t is zo snel als licht


op slot ja op slot

allemaal naar huis

tot het over is

‘t gekroond gespuis


op slot ja op slot

louter valse hoop

grote kans dat ik

‘t later toch oploop

 

 

Meander


‘Op Slot’: © Meander; 12 maart 2020.


Plaatje: Bewerking van plaatje internet.


Meer gedichten van Meander? Klik HIER.

 

Tong van Lucifer

Tong van Lucifer

statig op een hoogtepunt

likt zijn tong naar boven

wars van religieus misbruik

met geclaimde vrijheden


balancerend in de wind

strijdend voor zijn plek

komt hij onafwendbaar terug

om de vrijheid te bewaken

vrijheid van meningsuiting

zonder belemmeringen


statig op een hoogtepunt

steekt hij zijn tong uit

naar gewenst gekwetsten

die vrije andersdenkenden

vrijheden willen ontnemen  

 

 

Meander

‘Tong van Lucifer’: © Meander; 27 februari 2020

Foto: Internet, Wikipedia.

Meer weten over het kunstwerk van Ruud van de Wint, klik HIER. of HIER.

SGP wil godslasterlijk kunstwerk niet op Knardijk. Meer weten, klik HIER.

Meer gedichten over Hart & Ziel van Meander? Klik HIER.

 

 

 

 

Duizend Bommen en Granaten

Duizend Bommen en Granaten

Zondagochtend drieëntwintig februari 2020 neergestreken, of beter gezegd ruw naar binnen geblazen bij Haddock aan het surfstrand van Almere Haven. Buiten dondert, dendert, giert en buldert een onverwacht harde zuidwester over het Gooimeer. De striemende wind stuwt de golven op tot ongebruikelijke hoogte en spat het water al schuimend over de dijk. Het surfstrandje is kleiner dan anders door het opgejaagde water.

duizend

duizend

Binnen heerst een rustige, vriendelijke ambiance in de enige echte strandtent aan het Gooimeer. Een bijzondere plek om even te zitten te kletsen, iets te vieren, met familie en/of vrienden te gaan eten. Een thuis voor surfers, kitesurfers en andere watersportliefhebbers, die zelfs dit soort weer niet mijden. Philippe van Thiel en zijn collega’s hebben in korte tijd, in overleg en samenwerking met de WIndsurfvereniging, van deze plek aan het surfstrand een klein paradijsje gemaakt, zoals hij dat al eerder deed aan het Weerwater. Het gebouw is het thuis van Windsurfvereniging Almere Centraal. Een gelukkige, kansrijke uit nood geboren samenwerking.

Haddock was en is net als camping Waterhout een begrip in Almere. een verademing in een grote stad aan een grote plas. Ze moesten wijken voor de almachtige Floriade, die tot op heden slechts een belofte nakomt, die van de hoge kosten. Philippe van Thiel van Haddock verzette zich net als de familie Fokkens van camping Waterhout tegen vertrek van hun dierbare plek. Ze verzetten zich met hand en tand en met alle rechtsmiddelen die beschikbaar waren. Dankzij blunders van de gemeente Almere duurde de strijd van de gemeente tegen de zeer gewaardeerde Almeerse ondernemers jaren langer dan bedoeld en nodig was. Een strijd werd het en is het tot op de dag van vandaag voor Haddock en daarmee voor Philippe van Thiel en zijn team.

Een geïrriteerd raadslid, die weinig tot geen tegenspraak duldt, zei een jaar of twee geleden dat het een schande was dat die dwarsliggers niet meewerkten met de gemeente. Het getuigt van een laag democratisch gehalte, weinig respect voor de burger en ondernemer. Het is vermoedelijk de frustratie om de fouten van de gemeente die door dit raadslid  werden afgeschoven op burgers en ondernemers, die echter binnen de mogelijkheden die de wet biedt, opkwamen voor hun rechten. Het waren niet de ondernemers die zich hebben misdragen, maar het was de gemeente die lange tijd niet bereid was om serieus te betalen voor de onteigening en de verplaatsing en het was de gemeente die niet open stond voor alternatieven binnen de Floriade. Jammer dat het zo gegaan is, maar we moeten verder met elkaar.

Camping Waterhout heeft inmiddels een nieuwe plek op het schateiland in de Noorderplassen. Haddock denkt dat ook te hebben gevonden aan het surfstrand bij het Gooimeer, al was het maar tijdelijk. Heeft Haddock het dan nu definitief voor elkaar? Misschien. Het zou wel zo moeten zijn, want wat Haddock biedt aan het surfstrand voorziet in een behoefte en is hard nodig in het veel te tamme Almere. Almere dat in haar stadscentrum de ene winkel na de andere winkel ziet verdwijnen en een gemeente die doet alsof ze lijdzaam moet toezien hoe de ene fastfood vreettent na de andere badfoodgelegenheid wordt geopend. Als er dan een fatsoenlijke, leuke, gezellige, gezonde locatie wordt gerealiseerd die een plek biedt aan sporters en anderen, dan moeten we daar niet moeilijk over doen, maar daar leek of lijkt het wel op.

Moeten Haddock en anderen nog een keer wijken voor grote plannen? Plannen om het prachtige buitendijkse gebied en het strand van Almere Haven vol te bouwen en een schitterende recreatieplek voor Almeerders op te heffen of te verkleinen? Een prachtig plekje (zie de foto’s) weggeven aan welgestelden die in appartementen aan het Gooimeer gaan wonen?
Als je de plannen bestudeert, blijkt geenszins dat het Surfstrandje en Haddock weg zouden moeten, integendeel zelfs.
Heeft een petitie van Almeerders de gemeente mogelijk bij zinnen gebracht? Haddock moet volgens de gemeente een vergunning aanvragen voor de aanbouw en daarna zal de gemeente beoordelen of het binnen het bestemmingsplan past. Maar is dat wel zo? Is er geen sprake van wrok, van natrappen? Wil men coûte que coûte Haddock wegpesten? De belangen van de Almeerders, de surfers, de vereniging en Haddock, ach die doen er niet toe, zo lijkt het. Vreemd, want de oplossing ligt voorhanden. Willen we samen verder?

Waarom komt de burgemeester of de wethouder niet op bezoek om dit wondertje van Almeers ondernemerschap te aanschouwen? Nee zeggen is gemakkelijk. Iets mogelijk maken een prestatie. Er kan geen enkel bezwaar zijn tegen deze prachtige gelegenheid, dus waarom moeilijk doen. Duizend bommen en granaten, wees een Almeerder, burgemeester of wethouder. Ga in gesprek en regel het zo, dat het wel kan en regel dat snel. Vraag Philipe en de windsurfvereniging wat er nodig is om het tot een perfecte locatie om te toveren en werk daar van harte aan mee.
Zorg voor rust en zorg er voor dat wat als tijdelijk bedoeld is een definitieve bestemming wordt. Een pareltje van Almere, uitblinkend in eenvoud en geborgenheid, want samen gaan we verder. Ik stel me een mooie foto voor van een trotse burgemeester en een dito wethouder met Philippe van Thiel en zijn team voor Haddock.

 

duizend

 

 

Meander

‘Duizend Bommen en Granaten’: © Meander; 23 februari 2020.


Foto’s: © Meander; 23 februari 2020.


Meer columns, verhalen en gedichten van Meander over Almere? Klik HIER


Meer informatie over Haddock? Klik HIER  of HIER.


Luister naar de podcast van Robert Mienstra in gesprek met Philippe van Thiel. Klik HIER.

 

 

Nautilus

Nautilus

waar onlangs verleden is vervangen

staart nu Medusa der oceanen

getooid met hetgeen zeeën haar gaven

door blote ogen van een Nautilus


woeste brekende branding wordt gedempt

als rijkdom van talloze verre zeeën

aan strandgangers verblufte blikken hecht

bevreemding die gezochte luwte brengt


kabbelende, mompelende drukte

geborgen in cocon van vertrouwen

rustzoekers pauzerend aan smalle kust

geruwd in harde wind en jagend zand


weggedoken in omhulsel van schelp

beschut genietend van ruige Noordzee

schrijft een dichter met virtuele inkt

aangespoelde regels vol fantasie

 

 

Meander


‘Nautilus’: © Meander; 21 februari 2020


Foto ‘In Nautilus’: 
© Meander; 21 februari 2020


Meer informatie over ‘Nautilus aan Zee?’ Klik HIER.


Meer informatie over ontwerp en productie door Daisy James van de wanden in Nautilus aan Zee? Klik op daisyjames.eu.


Meer gedichten over Zee, Kust en Strand van Meander? Klik HIER.

Dennis

Dennis

een pas gescheiden storm op de oceaan


joeg achter zijn voormalig partner aan


hij volgde haar verwoestend spoor


doch Ciara was er voorgoed vandoor


‘t leek alsof ze in lucht was opgegaan

 

 

Meander

‘Dennis’: © Meander; 12 februari 2020.


Foto en bewerking: © Meander; 12 februari 2020


Meer over Dennis? Klik HIER.


Meer gedichten van Meander? Klik HIER.

Het meisje en haar tijd

Het meisje en haar tijd

Ze zaten geriefelijk met zijn vieren in de comfortabele, rieten stoelen van het plaatselijke brandpunt van de samenleving. Een restaurant avant le lettre, welke vierentwintig uur open was. De bediening was bewust langzaam om de rust van traag bestaan te versterken. Na vijftien minuten werd een high tea gebracht en een biertje voor de man, die al geruime tijd aan het bellen was, voordat de drie dames zich bij hem voegden.

Het meisje vertegenwoordigde de frisse jeugd en haar moeder was een streng blikkende schoonheid op het hoogtepunt van haar leven. Oma was naast de vader van het meisje gaan zitten, die overigens net als ik, net zo goed een vreemde had kunnen zijn. Hij had slechts aandacht voor wat of wie op afstand niet bij hem was, maar waarmee hij een soort van communiceerde. Oma was zichtbaar oud en bewoog moeilijk. Ze praatte onduidelijk.

De begrippen tijd, ruimte en ruimtetijd werden op een bijzondere manier, in het tableau dat zich voor mijn ogen afspeelde, aandoenlijk geschetst. Het meisje kon bij wijze van spreken in de toekomst kijken en luisteren, voorzover de gedachte dat erfelijkheid sterk was, opgeld deed.
Als het meisje naar rechts keek zag ze haar moeder. De vrouw die iets te serieus leek, maar tevens als vrouw een voorbeeld was van het bijna ideaal, dat velen tevergeefs nastreefden. Het meisje zou kunnen horen dat ze de afgemeten manier van spreken van haar moeder al had overgenomen.
Als het meisje voor zich keek en goed luisterde, zag ze haar oma, en kon ze haar pensioen en haar toekomstige ouderdom voorzien en horen. Oma die alleen was, omdat opa al jaren geleden was overleden.
Doch het meisje zag het niet en hoorde het niet, omdat ze in haar tijd en haar heelal leefde en de moeder en oma als haar moeder en oma zag in haar tijd en ruimte Ze zag zichzelf niet als een getrouwde vrouw met een man, omdat ze nog een meisje was. Haar vader was haar vader en niet meer dan dat. Geen projectie op haar toekomst.

Gelukkig dat ze nog een meisje was en dat de onschuld voorkwam dat ze werd belast met hetgeen nog komen ging of haar wellicht te wachten stond. De tijd waarin zij leefde, de tijd van haar moeder en die van haar oma waren gescheiden en werden verschillend beleefd, terwijl ze samen bijna in dezelfde ruimte zaten.

En de vader? Tja, de vader.

 

 

 

Meander

 

‘Het meisje en haar tijd’: © Meander;31 januari 2020.  


Foto 
© Meander; 31 januari 2020.


Meer verhalen van Meander? Klik HIER.

 

 

Vette Klei

Vette Klei


vervagende verte

gekende horizon

in grijze ochtendnevel

als ploegscharen

blauwgrijze grond

geslepen omwoelen

in grove groeven

glanzende vette klei

op onafzienbare akker

 

Meander

‘Vette Klei’: © Meander; 19 januari 2020.  


Foto: Pas geploegde akker


Meer gedichten van Meander? Klik HIER.

 

Man O Man

Man O Man

een knappe kerel uit Groenekan                 


aarzelde over een leuke man                  


het was zo bizar             


gevoel in de war           


maar eigenlijk dacht hij, pak me dan  

 

 

 

Meander

‘Man O Man’: © Meander; 19 januari 2020.  


Gif: Internet


Meer gedichten met Hart & Ziel van Meander? Klik HIER.

 

Wil jij de onzekerheid in een relatie overwinnen? Klik HIER. 

Pak me dan

Pak me dan


een prachtige vrouw uit Pakistan                 


aarzelde over een leuke man                  


het was zo bizar             


gevoel in de war           


maar eigenlijk dacht ze, pak me dan  

 

 

 

Meander

‘Pak me dan’: © Meander; 16 januari 2020.  


Gif: Internet


Meer gedichten met Hart & Ziel van Meander? Klik HIER.

 

Wil jij de onzekerheid in een relatie overwinnen? Klik HIER. 

Mannen en Vrouwen

Mannen en Vrouwen

vrouwen willen tedere liefde                 

mannen hunkeren vooral naar seks                

als zij een vrouw hun liefde geven                    

gebeurt er onmiddellijk iets geks                   

de twee duiken op en in elkaar                 

ze vrijen zich suf, maar zijn nooit klaar               

dus blijven ze hun liefde geven                

ongeremd steeds weer samen spelen

zo genieten zij heel hun leven

hij met haar en zij met zovelen

 

Meander

‘Mannen en Vrouwen: © Meander; 14 januari 2020.  


Plaatje: National Geographic; Skychart by A.Fazekas/Skysafari 


Meer gedichten van Meander? Klik HIER’

 

 

 

Tranen op het raam

Tranen op het raam

De trein remde af. We reden station Lelystad binnen. Mensen stapten uit en anderen stapten in om naar Zwolle, Assen of Groningen te gaan. Met luid gestommel en al mopperend over een niet meewerkende deur, gehinderd door een viertal grote tassen, kwam een stel de coupé binnen. Het was vooral de vrouw die zich verbaal roerde. Ze zetten zich tegenover mij. Twee tassen werden ongevraagd op de stoel naast mij gezet. De andere tassen werden tussen de benen van beide reizigers geplant. Ik keek glimlachend naar het tafereel, dat alles had van een reis waar beiden geen zin in hadden. Zij was een grote vrouw, wat zorgeloos of beter gezegd onverzorgd gekleed in een blauwe, enigszins verschoten jurk. Het donkerblonde haar leek niet al te stevig opgeknoopt en kon ieder moment los raken. Ze had haar jas op de tas gelegd die tussen haar benen stond. De man was gekleed in een donkergrijs pak, hetgeen de indruk wekte alsof hij op weg was naar een officiële gelegenheid, maar dat was gelet op de kleding van de vrouw niet waarschijnlijk.

De trein vertrok en ik verdiepte mij in mijn boek, althans dat probeerde ik. Mijn aandacht gleed echter steeds naar de man en vooral naar de vrouw tegenover mij. Wat ze precies zei tegen haar man, ik nam aan dat het haar man was, kon ik niet verstaan. Ze sprak in een voor mij onbekend dialect. Dat haar opmerkingen afkeurend en commanderend waren, was aan de toon waarop ze sprak en aan de mimiek van haar gezicht, meer dan af te lezen. De man reageerde bijna niet. Hij zei niets, keek naar buiten en dacht er vermoedelijk het zijne van. Af en toe legde hij zijn hand op haar hand.

We reden station Dronten voorbij. Een troosteloos station, hetgeen versterkt werd door de van de ramen aflopende regen, die het uitzicht grauw ontkleurde.
De man stond op en liep naar rechts door het gangpad. Even later kwam hij terug en liep door naar de andere kant. Op zoek naar een toilet, dacht ik.
De regen geselde de ramen van de trein. Ik keek er naar, waarna mijn blik naar de bank tegenover mij schoof. Ik knikte naar de vrouw.
“Wat zit je naar mij te kijken?”, vroeg ze boos in bijna accentloos Nederlands.
“U zit tegenover mij, mevrouw”, zei ik. ‘Als ik opkijk, zie ik u. Goedemorgen.”
“Je zit te gluren, smeerlap.”
“Dat lijkt me niet redelijk, mevrouw, want u zit direct tegenover mij.”
“Wacht maar tot mijn broer terug komt. Kun je niet ergens anders gaan zitten?” Het was dus niet haar man, constateerde ik. Ondertussen moest ik onwillekeurig, onhoorbaar maar wel zichtbaar lachen om haar verzoek om te verkassen. Ik wilde reageren, maar kreeg geen kans.
“Je zit mij uit te lachen, viespeuk!”, riep ze zo luid dat reizigers in de volle coupé meegenoten. “Ga weg!”, riep ze dwingend, onderwijl maakte ze met haar hand een beweging, alsof ze een vlieg wilde wegjagen.
Ik zei: “Mevrouw, ik zat hier al toen u hier kwam zitten. U bent tegenover mij gaan zitten en u heeft uw tassen ongevraagd op mijn tas gezet. Als u het niet fijn vindt om tegenover mij te zitten, heb ik er geen bezwaar tegen dat u ergens anders gaat zitten.” Ik voelde haar reactie op mijn iets te keurige en vileine antwoord al aan komen en vroeg me af of de vrouw had gedronken, of drugs had gebruikt.
Met schelle stem schreeuwde de vrouw: “Jij hebt toch geen twee stoelen nodig? Je hebt een kaartje voor één stoel, toch?” De redenering over de kaartjes was blijkbaar niet op haar van toepassing. Ik begon me af te vragen of het niet beter was om ergens anders te gaan zitten, vooral omdat de hele coupé zichtbaar meegenoot.
Ik zei zo rustig mogelijk in een poging haar te kalmeren: “Mevrouw, ik heb er geen bezwaar tegen dat uw tassen daar staan. Laten we ophouden met deze zinloze discussie. Ik ga mijn boek lezen en laat u met rust.” Op een of andere manier voelde ik me schuldig, terwijl daar geen enkele aanleiding voor was.

Het was even stil, maar mijn terugtrekkende beweging had niet het gewenste resultaat, temeer daar haar broer terug kwam lopen. Ze verviel weer in haar dialect en sprak overstuur en gehaast tegen haar broer. Ze wees daarbij meermaals naar mij. De broer keek een keer naar mij met een blik waar helemaal niets uit af te lezen viel. Hij sprak met de vrouw en fluisterde iets in haar oor. Ze werd steeds stiller. Het enige dat nog zichtbaar was van haar woede jegens mij, waren haar felle ogen die ze op mij gericht hield.
De man pakte een tasje en een fles water. Uit het tasje pakte hij een doosje. Hij drukte een roze tabletje uit een strip die hij uit het doosje had gehaald, waarna hij het tabletje in de mond van de vrouw stopte. Hij gaf haar de half gevulde fles water die ze zonder te stoppen leeg dronk. Hij nam de fles weer van haar aan, sloot de fles en zette die op het plankje voor het raam. Daarna deed hij zijn arm om haar heen. Ik wendde zoveel mogelijk mijn blik af, maar zag aan de man dat hij ergens op wachtte. Hij keek regelmatig naar mij, maar ik begreep niet wat hij duidelijk wilde maken

Tien minuten later zat de vrouw rustig voor zich uit te kijken. Het leek alsof ze in de verte staarde en mij niet meer zag. De man stond op en wenkte mij. Ik liep achter hem aan naar het halletje.
“Mijn vrouw is helaas ziek”, zei de man. “Excuses voor de overlast.”
Dus toch niet haar broer, dacht ik. Dat er wat aan de hand was, had ik al begrepen. Ik voelde een ondankbare, onhoorbare zucht van verlichting bij mijzelf en schaamde mij voor dat gevoel en voor mijn eerdere veronderstellingen. Ik zei: “Ik begrijp het en excuses zijn niet nodig. Kom laten we weer gaan zitten.”
Toen we weer zaten, keken we elkaar aan. Ik zag zijn verdriet en ik zag zijn liefde. Hij hield haar hand vast.

 

Meander

 

‘Tranen op het raam’: © Meander; 12 januari 2020.  


Bewerking foto internet; © Meander; 12 januari 2020
Beeld uit filmpje ‘Rain on window.’


Voor meer verhalen van Meander, klik HIER.

 

Slufter

Slufter

groene slufter

getooid met wieren

sierlijk lamsoor

in golvende kakofonie

van luide kelen

onder brandende zon


witte slufter

toucheert kust

gunt oceanen

op ritme van getijden

bevallige blik

in haar hart


blauwe slufter

geduldig wachtend

op onstuimige wind

bij springend tij

om vol passie

de zee te vrijen


anomale slufter

speelt haar spel

dwars door duinen

klieft haar kreek

naar brakke vallei

van ongerepte liefde

 

 

slufter

slufter

slufter

 

Meander


‘Slufter’: © Meander; 10 januari 2020.  


Foto’s ‘De Slufter’; Texel: © Meander; 26 juli 2019.


Voor meer gedichten over zee, kust en strand, klik HIER.

 

 

Silhouetten

Silhouetten

silhouetten van voorbij             

vervagen in horizon           

achtergelaten lege

maagdelijke stranden

grillige kusten

wispelturige zee                              

ongerepte opportuniteiten

voor poëzie en proza

in een nieuw decennium

 

 

silhouetten

 

 

Meander

 

‘Silhouetten’; ©Meander; 1 januari 2020.


Foto: ‘Silhouetten’; ©Meander; 31 december 2019
N.B. De foto’s niet zonder schriftelijke toestemming gebruiken.


Meer gedichten van Meander? Klik HIER.

 

Niet Meer

Niet Meer

Waterkoude wind blies door de gaten van zijn flinterdunne, versleten jas. Door uitputting overmand, na twee jaar zwerven op straat, had hij de kerstmenigte gemeden. Het was bijna middernacht, vlak voor het nieuwe jaar. Een enkele straatlantaarn verlichtte zijn weg, terwijl hij langs het spiegelende water naar een brug liep. Hij had nog wat geld, maar wilde slechts rust. Slapen wilde hij, heel lang slapen. Hij nestelde zich tegen een schuine wand onder de brug. Een half uur later knalde links en rechts het vuurwerk, maar zijn gebroken ogen zagen het niet. Het nieuwe jaar had hem niet meer bereikt.

 

 

Meander

 

‘Niet Meer’: © Meander; 24 december 2019 


Tekening: 
© Meander; 24 december 2019 


Meer verhalen van Meander? Klik HIER.

 

Wat zou het kindeke zeggen

Wat zou het kindeke zeggen

wat zou het kindeke zeggen              

van vrouwenonderdrukking              

van eeuwige homohaat                

van het misbruik door de kerk

van waar de kerk voor staat              


wat zou het kindeke zeggen            

van het gebrek aan delen            

van ongekende hebberigheid            

van het gebrek aan naastenliefde          

van beperking van iemands vrijheid        


het kindeke zou zwijgen              

verstomd van verbijstering                  

om het angstig egoïsme              

om zoveel godslastering

 

 

Meander

“Wat zou het kindeke zeggen”: © Meander; 25 december 2019


Bewerking foto Internet: 25 december 2019

 


Meer gedichten van Meander? Klik HIER.

Zee kust kerst

Zee kust kerst

zee kust kerst                

verdwenen vlokken           

vergeten vriezen          

nooit meer dooien        

zee kust warmte        


zee kust kerst            

wassend water

krimpend land                     

teveel niet genoeg          

zee kust minder            


zee kust kerst            

hoe vaak nog

voor wie nog

waarom nog

zee kust zee    

 

Meander      

“Zee Kust Kerst”: © Meander; 2 december 2019


Bewerking foto Internet: 2 december 2019

 


Meer gedichten over Zee, Kust en Strand van Meander? Klik HIER.

Altijd Kerst

Altijd Kerst

Adjoa, was een rank meisje met lang donker haar en glanzende, bruine ogen. Ze zat op haar hurken. Haar veel jongere broertje rolde een zelfgemaakte bal van oude lappen in haar richting. De moeder van de kinderen was druk bezig om het schamele eten dat ze had kunnen verzamelen, te bereiden. Ze was er, zoals altijd, al meer dan een uur mee bezig.

Het meisje pakte haar broertjes hand en wandelde met hem door het dorp. Het kleine kereltje keek voortdurend om zich heen, tot hij de oude man zag zitten. Het ventje zwaaide uitbundig naar de man, wiens lange zilverwitte haren hen tegemoet leken te schijnen. De man knikte en wenkte hem, maar het jongetje durfde niet.
Zijn zusje zei: “Ga maar, Thabo, niet bang zijn.” Ze duwde haar broertje naar voren. “Geef maar een hand.” Aarzelend stak het ventje zijn hand uit.
De man nam de kleine hand van de jongen in zijn door zon, werk en ouderdom verweerde hand. “Dag, Thabo, dag Adjoa”, zei de man.
“Dag, nna nna nna” zei Adjoa. Thabo zei niets, keek vooral naar beneden en af en toe een beetje naar boven. Hij gluurde door zijn wimpers naar de voor hem zo indrukwekkende verschijning.

De man draaide zich om, pakte iets uit zijn tas en hield het omhoog, waarop de ogen van het ventje begonnen te schitteren, maar Thabo durfde het niet aan te nemen. De oude man legde het in het kleine handje van het manneke en duwde daarna de vingertjes dicht. Een brede glimlach verscheen op het gezicht van de jongen. En de oude man? Die glimlachte mee. Hij gaf Adjoa er ook een. Toen de oude man niet naar hem keek, stopte Thabo de lekkernij snel in zijn mond, alsof hij bang was het weer kwijt te raken. Het meisje bedankte de man en bewaarde het geschenk in een zak van haar versleten rode jurkje. Voor straks, dacht ze.
Ze liepen verder, nagekeken door hun opa, de oudste van het dorp, die al zoveel gezien en gehoord had.

De auto schoof nog een stukje door op de gladde ondergrond, nadat John hard geremd had. De meiden gilden het uit van plezier en riepen: “Nog een keer, Nog een keer.”
“Uitstappen”, zei hun vader. De deuren gingen open en ze sprongen uit de grote, zwarte Jeep. De drie meisjes, gekleed in warme winterjassen, renden op hun snowboots door de sneeuw naar de deur en riepen: “Mama, mama, open, open.” Hun moeder deed even later de deur open en ontving onder luid gejoel een lading sneeuwballen. Ze lachte om haar drie deugnieten. John gaf zijn vrouw een kus en vroeg haar of de boom al was gebracht.
“Die staat klaar. Jullie kunnen aan het werk. Het is de grootste en het wordt de mooiste kerstboom ooit.”
“Yeahhh”, juichten de meisjes.

stxmco001christmas_tree_and_presents

Olivia hielp haar man de overvolle tassen vol geschenken naar binnen te brengen. Ze moesten wel drie keer lopen. “Het lijkt wel of het ieder jaar meer wordt”, zei ze.
Christel, Brenda en Emerald waren te oud om nog in Santa te geloven, maar de cadeaus wilden ze niet missen. Het is ieder jaar weer een hele uitdaging om aan alle wensen te voldoen, dacht Olivia.
De koelkast zat barstensvol. In de oven stond een in cellofaan verpakte, grote kalkoen, die morgen zou worden gebraden.

Vanavond gingen ze met zijn allen naar de kerk om kerstavond te vieren. Het werd een belangrijke avond met veel zakelijke gasten na het kerkbezoek. Gelukkig hoefde ze niet zelf te koken voor de dertig gasten. Dat had ze uitbesteed aan een cateraar. John zei tegen Olivia: “Wat hebben we het goed.” Zijn vrouw was van mening dat ze het verdienden. Ze hadden er per slot van rekening hard voor gewerkt.

Drie avonden later zou Olivia tegen haar man zeggen dat ze blij was dat het er weer op zat. “Wat is het ieder jaar weer een gedoe. Druk, veel eten, van hot naar haar rijden. Heel gezellig, maar wel vermoeiend.” Overmorgen gingen ze naar de stad om de cadeaus die ze niet leuk vonden, te ruilen.

Adjoa en Thabo liepen direct naar hun moeder toen ze thuis kwamen. Ze vertelden wat ze van ‘nna nna nna’ hadden gekregen. Adjoa liet het aan haar moeder zien. “Voor ons samen, mama”, zei ze. “De oudste verwent jullie teveel”, zei haar moeder. “Kom we gaan eten.”
Ze waren snel klaar met eten, want het was niet veel. Na het eten veegde het meisje de houten bordjes en de van blikken gemaakte pannen schoon en zette ze weg.

Het kleine ventje was moe geworden. Zijn moeder ging zitten, nam haar tweejarige zoon op schoot en trok haar dochter tegen zich aan. Ze vertelde een verhaal over een kindje dat was geboren in een stal. Het lag in een voerbak voor dieren.
Dat vond Adjoa zielig. “Waarom had hij geen huis, zoals wij?”, vroeg ze.
“Zijn vader en moeder waren gevlucht voor een keizer, die kleine kinderen vermoordde”, antwoordde haar moeder. Thabo was ondertussen in slaap gevallen.
Ashanti vertelde verder over het kindje, over de toekomst van het kind en wat hij de mensen leerde. “Daarom vieren we ieder jaar kerst”, zei ze, “omdat het kind is geboren voor iedereen. Kerst is het feest van de liefde.”

Adjoa zei: “Mam, het zou altijd kerst moeten zijn.” Haar moeder aaide haar dochter over haar bol en keek, zittend in de deur van haar hutje in de kleine oase, voor zich uit, naar de kale, droge woestijn met die ene verdorde, half afgebroken boom en talloze, verdroogde graspollen.
Haar ogen waren vochtig. Ze dacht aan haar overleden kinderen en ze dacht aan haar man, die was gesneuveld, in de nog immer voortdurende oorlog. Haar ogen waren vochtig en een traan zakte langzaam over haar wang. Ze trok Adjoa dicht tegen haar aan en zei: “Ja schat, het zou altijd kerst moeten zijn.”

 

 

Logo Meander

 

war-child

warchild.nl

 

‘Altijd Kerst’: © Meander; 21 december 2014.  


Foto’s: Internet


Meer kerst van Meander? Klik op “Was het maar geen kerst”, of “Chadi en de kerstman.”

Chadi en de Kerstman

Chadi en de Kerstman

Chadi maakte zich geen illusies, maar hij was niet van plan nu al op te geven. Het was bijna kerst. De toegang tot de grote kerstmarkt voor kerstbomen, kerstversieringen, kerstcadeaus en een keur aan etenswaren was gratis. Hij zou en moest naar binnen, want je kon overal hapjes proeven en gratis warme chocomel, koffie en thee krijgen.

De belangstelling was groot en des te dichter hij bij de deur kwam, des te drukker het werd. Ouders met kwetterende kinderen, twee groepen ouderen die met de bus waren gebracht en achter hem een groep nerveuze meiden in jurkjes met glitters en lampjes. De meer dan dertig meisjes droegen engelenvleugeltjes op hun rug en waren letterlijk schitterend opgemaakt. Zelfs in hun haar hadden ze lampjes. De danseressen, wist Chadi, want dat had hij in het gratis kerstkrantje gelezen.

Chadi schuifelde onopgemerkt met zijn boodschappenkarretje naar binnen. Het karretje was leeg, omdat hij al zijn spullen had opgeborgen in een kluisje op het station. Het kluisje had hem twee euro gekost, maar als hij zijn karretje vol wist te laden, was het dat meer dan waard. Chadi keek vanuit een ooghoek naar twee beveiligers, die hem naar zijn gevoel iets te indringend bekeken.

Eenmaal binnen liep hij op zijn gemak rond, al was hij op zijn hoede voor plotselinge aandacht van mannen of vrouwen met dat irritante, zilveren V-tje op hun revers. Hij viel vooral op door zijn versleten jas en zijn afgetrapte sneakers die contrasteerden met zijn korte, donkere, verzorgde haar en zijn gladgeschoren gezicht. Sommige mensen keken nieuwsgierig naar Chadi, maar lieten hem met rust. Na een gratis espresso en een stuk amandelstaaf, verkende hij de mogelijkheden om het karretje gevuld te krijgen.

Binnen een half uur zat zijn karretje halfvol, al bestond een derde uit nutteloze folders. Kip, vis, zes krentenbollen, proefflesjes- en pakjes met sap en zelfs een broodje ham waren in de tas verdwenen. Plotseling stond hij oog in oog met Hans en zijn collega van handhaving.
“Dag, Chadi. Boodschappen doen voor de kerst?”, vroeg Hans.
‘Ja, man. Ik mag hier toch zijn?”, reageerde Chadi nerveus.
“Zeker, Chadi, je mag hier zijn. Je moet langs de achterste stands lopen, want daar geven ze veel weg, maar eerst kun je beter even naar die grote stand gaan.” Hans wees naar rechts. “Die met al die kerstbomen en gouden slingers. Fijne kerst, Chadi.”
De totaal verbouwereerde Chadi dacht even dat hij voor de gek gehouden werd, maar begreep dat Hans het meende. “Jullie ook”, zei Chadi nogal luid, waarop hij naar de stand liep die Hans had aangewezen.

Een dame op de stand vroeg wat ze voor hem kon doen.
“Niets”, zei Chadi. “Ik kom voor gratis spullen. Geld om iets te kopen, heb ik niet.”
“Dan ben je hier aan het goede adres”, zei de jonge vrouw. Ze had donkerblond, lang, krullend haar en was gekleed in een soort van kerstpakje met groene en rode kleuren. Op haar hoofd droeg ze een rood, scheef hangend kerstmutsje met een wit vilten randje. De rouge op haar wangen was bewust overdreven om het effect van een betoverende kerstfee te bewerkstelligen.
“O”, zei Chadi verbaasd en argwanend. “Waarom?”
“Ik ben Anita. Wij zijn hier voor mensen die onze hulp nodig hebben. We doen dat namens verschillende organisaties. Tijdens de kerst doen we wat extra’s. Wat heb je nodig?”
“Een huis”, zei Chadi, “en werk.”
“Heb je geen uitkering?”
“Ja en ze helpen me wel, maar ik kom niet verder.”
Anita zei: “Helaas hoor ik dat vaker. Huizen en werk regelen wij niet, maar andere dingen wel. Heb je kleding nodig?”
“Een broek, een shirt en een trui,”, zei Chadi, die schrok van zijn eigen antwoord. “Sorry”, zei hij.
“En een goede winterjas, denk ik”, vulde Anita aan, zonder acht te slaan op zijn excuus.
“Kan dat allemaal zomaar?”, vroeg Chadi verbaasd.
“Niets kan zomaar, maar soms is het nodig”, zei ze.

Een half uur later had Chadi nieuwe kleding, een winterjas en stevige schoenen. In plaats van dat hij er was uitgegooid door de beveiliging, werd hij geholpen als een koning. In een extra tas die hij had gekregen, zat een pakketje sokken, ondergoed, twee handdoeken, tandpasta en bonnen voor dertig maaltijden. Chadi had het over zich heen laten komen, maar was er nu bij gaan zitten. Hij had vochtige ogen en wilde iets zeggen, maar kwam niet meer uit zijn woorden. Anita zag het en vroeg of ze iets voor hem kon doen.
“Nog meer?”, vroeg Chadi stamelend. “Wat kan ik doen? Wat kan ik terugdoen?”
“Niets, dat hoeft niet. Wil je een warme chocomel, of een glühwein?”
Chadi vroeg “Mag ik muntthee?” Anita liep weg, Chadi keek haar na en vroeg zich af of hij droomde.

Chadi en de Kerstman

Anita kwam terug met muntthee en een glühwein. Ze had tegen haar collega’s gezegd dat ze even niet beschikbaar was. Ze moest er aan trekken, maar ze kwam er achter dat Chadi al drie jaar op straat zwierf, sinds hij uit huis was gezet door zijn ouders. Hij was negentien jaar en was niet meer naar school gegaan, toen hij op straat kwam te staan. Hij sliep meestal bij het Leger des Heils, maar soms ook op straat.
Chadi vertelde welke stomme dingen hij had gedaan en dat hij zijn ouders wel begreep, maar nu niet meer wist hoe hij er uit moest komen.
Anita liep even weg, sprak met een collega en kwam met nog een muntthee terug en een gevulde koek.

“Wil je ons af en toe helpen in het magazijn?”, vroeg Anita.
“Hoe kom ik daar?”
“Wij regelen het vervoer, als je wilt helpen.”
“Ik wil wel. Heb ik wat te doen.”
Anita keek hem een tijdje aan, kwam op een idee, aarzelde en keek naar haar bekertje glühwein.
“Wat is er”, vroeg Chadi. “Je wilt iets zeggen, maar het lijkt alsof je het niet durft.”
Anita keek hem met een waarderende glimlach aan en zei: “We hebben de komende tijd bij inzamelacties een Kerstman nodig. Een aardige, gezellige, lieve Kerstman. Eentje die naar kinderen luistert, kleine cadeautjes geeft en winkelende mensen oproept om producten te kopen voor het voedselloket.”
“Denk je dat ik dat kan?”, vroeg Chadi. “Nee, man, dat kan ik niet.”
Anita zei: “Dat denk ik niet alleen, dat weet ik wel zeker.” Morgen contact opnemen met de sociale dienst, dacht ze. Deze jongen moet snel geholpen worden.

Op 23 december zat Chadi, voor de vierde keer, verkleed als Kerstman, met een heel dik kussen voor zijn buik gebonden, in een supermarkt, samen met vier vrijwilligers van het Voedselloket.
Het was druk en de Kerstman kwam ogen en oren tekort. Tegen vieren werd het iets rustiger. Een echtpaar, met drie kinderen in de leeftijd van drie tot acht jaar, kwam aanlopen. De jongste, een klein meisje, rende op hem af en stak haar handen in de lucht. Hij moest haar wel optillen.

Ineens zat ze bij hem op schoot, zijn jongste nichtje, die hij alleen mar had gezien toen ze nog een klein babytje was. Chadi’s zus en haar man lachten om hun kleine meid. Chadi deed zijn uiterste best om een goede Kerstman te zijn, riep een paar keer “HoHoHo”, gaf de kinderen een cadeautje en nam een tekening aan van de oudste.
“Achterop staat mijn verlanglijstje”, zei Nouh.
“Dankjewel, Nouh”, zei de Kerstman.
“Zie je wel, mama”, zei de jongen. “De Kerstman weet alles. Hij kent zelfs mijn naam”

Durya, Chadi’s oudste zus, had bedenkelijk naar de Kerstman gekeken. Ze bedankten de Kerstman en liepen verder, nagekeken door Santa Chadi. Er was geen tijd om er nog langer bij stil te staan, want de drukte nam weer toe. Hij moest opletten, want hij wilde geen kind overslaan en mocht niet vergeten de ouders een donatie te vragen voor het voedselloket.

Een kwartier later, toen Chadi naar achteren liep om te gaan eten, kwam Durya ongemerkt aanlopen. Ze pakte de Kerstman bij zijn arm en vroeg zachtjes, met tranen in haar ogen: “Chadi?”

 

Logo Meander

 

Doneer aan het Voedselloket of de Voedselbank in uw woonplaats, alstublieft.

 

Voedselloket Almere Papa

“Chadi en de Kerstman”: © Meander; 9 december 2016


Tekening: 
Internet

 

Symforgie

Symforgie

ach, zei de sax ik heb zo’n zin in seks          

maar als ik vreemd ga, gebeurt er vast iets geks          

kom zei de klarinet, tegen de trompet,          

ik heb ook zin in pret, we gaan naar bed         

nou, zei de fagot, doe toch niet zo zot             

de trombone wreef langs een erogene zone          

en trok haar tegenstribbelend vlot         

de triangel greep spontaan de contrabas           

die deed alsof ze voor het grijpen was          

dwarsfluit viel vol passie voor de viool zowaar            

voor je het wist lag alles op en door elkaar         

hoorn, bugel en hobo stonden er aarzelend bij           

maar storten zich uiteindelijk in de vrijerij         

de ervaren dirigent was wel wat gewend          

doch dit was een uitdaging voor de beste vent            

hij hernam glimlachend, vol passie de regie           

en bespeelde een orgastische symfonie

nog nooit had het orkest zo genoten

niet veel later regende het kleine noten

 

Meander

“Symforgie” is de poëzie van muziek, zoals deze wordt bedreven door een hecht orkest. Een andere kijk op het samenspel van instrumenten.


“Symforgie”: © Meander; 9 december 2019


Tekening: Internet.


Meer gedichten over Hart & Ziel van Meander? Klik HIER.

 
Prachtherfst

Prachtherfst

eclatant vlammende

tintenmelange

declameert bezield

alomvattende transformatie


serene stilte

in clemente amerij

intensiveert treffend

ongekende harmonie


veelzijdige zintuigelijke

associatieve omarming

openbaart overdadige

prenatale renaissance

 

prachtherfst

Meander

“Prachtherfst” is de poëtische verwoording van het grandioze palet aan luisterrijke, vurige kleurschakeringen. Van in elkaar overlopende tinten, die hun levenseinde uit lijken te schreeuwen om het nieuwe leven aan te kondigen.


“Prachtherfst”: © Meander; 5 december 2019


Foto’s: “Prachtherfst” (Lage Vuursche): © Meander; 25 november 2019


Meer gedichten van Meander? Klik HIER.